Is het die of dat week?

die week

Het is die week, dus niet "dat week".

Voorbeeld: Die week is voorbij.

Het aanwijzend voornaamwoord bij "week": die week

Bij het woord week gebruiken we het aanwijzend voornaamwoord die. Dit komt doordat week een de-woord is (onzijdige woorden gebruiken dat). Daarom zeggen we die week en niet dat week.

Voorbeelden:

  • Die week was erg druk.
  • We hebben die week veel geleerd.

Verschil tussen die/dat en deze/dit

Die en dat gebruik je meestal om iets aan te wijzen dat wat verder weg is, in tijd of ruimte. Deze en dit gebruik je voor iets dat dichtbij is.

  • Die week (een week waar je het verder over hebt, niet direct bij je)
  • Deze week (de week waarin je nu bent, dichtbij in tijd)