Is het die of dat sleutel?

die sleutel

Het is die sleutel, dus niet "dat sleutel".

Voorbeeld: Die sleutel is belangrijk.

Het aanwijzend voornaamwoord bij "sleutel"

Bij het woord sleutel gebruik je het aanwijzend voornaamwoord die. Dit komt omdat sleutel een de-woord is (mannelijk of vrouwelijk), en voor de-woorden gebruik je die in het aanwijzend voornaamwoord. Het woord dat hoort bij het-woorden, zoals boek of huis.

Voorbeeldzinnen met "die sleutel"

  • Kun je die sleutel aan mij geven?
  • Die sleutel past niet op deze deur.

Verschil tussen die/dat en deze/dit

De woorden die en dat gebruik je wanneer iets wat verder weg is, bijvoorbeeld aan de andere kant van de kamer. Deze en dit gebruik je juist voor iets dat dichtbij is.

  • Die sleutel ligt op de tafel daar.
  • Deze sleutel ligt hier in mijn hand.