Is het die of dat park?

dat park

Het is dat park, dus niet "die park".

Voorbeeld: Dat park is mooi.

Aanwijzend voornaamwoord: dat park

Waarom "dat" en niet "die"?

Bij het woord park gebruik je het aanwijzend voornaamwoord dat. Dit komt omdat park een het-woord is, en bij het-woorden hoort dat. Bij de-woorden gebruik je die.

Voorbeeldzinnen

  • Dat park is erg mooi in de herfst.
  • Heb jij dat park wel eens bezocht?

Verschil met "dit"

Gebruik je dat park als het park verder weg is — iets wat je aanwijst op een afstand. Sta je er vlak bij, of wil je iets dichtbij benadrukken? Dan zeg je dit park. Hetzelfde geldt voor het paar die/deze bij de-woorden.