Is het dat of die factuur?

die factuur

Het is die factuur, dus niet "dat factuur".

Voorbeeld: Die factuur is verzonden.

Het juiste aanwijzend voornaamwoord bij "factuur": die

Bij het woord factuur gebruik je het aanwijzend voornaamwoord die, omdat factuur een de-woord is (dus geen het-woord). Het woord die verwijst naar een de-woord in het enkelvoud, terwijl dat gebruikt wordt bij het-woorden.

Voorbeeldzinnen:

  • Kun je die factuur voor me nakijken?
  • Die factuur moet voor het einde van de maand betaald zijn.

Verschil tussen die/dat en deze/dit

De woorden die en dat verwijzen meestal naar iets wat wat verder weg is of waar je niet direct bij bent. Deze en dit gebruik je juist als je iets dichtbij hebt of direct aanwijst.

Dus:

  • Die factuur (verder weg, bijvoorbeeld een factuur die je op een andere tafel ziet)
  • Deze factuur (dichtbij, bijvoorbeeld de factuur die je net vasthoudt)