Is het die of dat krat?
dat
krat
Het is dat krat, dus niet "die krat".
Voorbeeld: Dat krat is vol.
Aanwijzend voornaamwoord: dat krat
Bij het woord krat gebruik je het aanwijzend voornaamwoord dat. Dat komt omdat krat een het-woord is, en bij het-woorden hoort dat (net zoals je zegt: dat huis, dat boek).
Voorbeeldzinnen
- Dat krat staat al de hele ochtend in de weg.
- Kun jij dat krat even optillen?
Verschil met dit krat
Gebruik je dat krat of dit krat? Dat hangt af van de afstand:
- Dat krat – het krat is verder weg: Zie je dat krat daar in de hoek?
- Dit krat – het krat is dichtbij: Dit krat hier is veel te zwaar.
Dezelfde regel geldt voor de-woorden: die (verder weg) tegenover deze (dichtbij).