Is het die of dat ezelsbruggetje?
dat
ezelsbruggetje
Het is dat ezelsbruggetje, dus niet "die ezelsbruggetje".
Voorbeeld: Dat ezelsbruggetje helpt je te onthouden.
Aanwijzend voornaamwoord: dat ezelsbruggetje
Bij het woord ezelsbruggetje gebruik je het aanwijzend voornaamwoord dat. Dat komt doordat ezelsbruggetje een het-woord is (het ezelsbruggetje), en bij het-woorden hoort dat.
Voorbeeldzinnen
- Dat ezelsbruggetje helpt me altijd om de spelling te onthouden.
- Heb jij dat ezelsbruggetje ook geleerd op school?
Verschil met dit
Gebruik je dat of dit? Het verschil zit in de afstand:
- Dat ezelsbruggetje → iets wat verder weg is (in afstand of gedachte).
- Dit ezelsbruggetje → iets wat dichtbij is, bijvoorbeeld iets wat je op dit moment in je hand houdt of net hebt gezien.
Hetzelfde geldt voor de de-woorden: die (verder weg) tegenover deze (dichtbij). Zo werkt het systeem altijd consistent! 😊