Is het die of dat epitheelweefsel?
dat
epitheelweefsel
Het is dat epitheelweefsel, dus niet "die epitheelweefsel".
Voorbeeld: Dat epitheelweefsel bedekt organen.
Het aanwijzend voornaamwoord bij "epitheelweefsel"
Bij het woord epitheelweefsel gebruik je het aanwijzend voornaamwoord dat, omdat epitheelweefsel een onzijdig woord is (het-woord). In het Nederlands kies je dat bij onzijdige woorden en die bij de-woorden (mannelijk of vrouwelijk). Daarom zeggen we dat epitheelweefsel en niet die epitheelweefsel.
Voorbeeldzinnen
- Dat epitheelweefsel beschermt het onderliggende weefsel tegen beschadiging.
- De structuur van dat epitheelweefsel is heel bijzonder.
Verschil tussen die/dat en deze/dit
Die en dat gebruik je wanneer je naar iets verwijst dat verder weg is, bijvoorbeeld in ruimte of tijd. Deze en dit gebruik je als je naar iets dichtbij verwijst. Dus:
- Die cellen zijn beschadigd. (verder weg)
- Deze cellen zijn gezond. (dichtbij)
- Dat epitheelweefsel moet onderzocht worden. (verder weg)
- Dit epitheelweefsel is nieuw. (dichtbij)