Is het die of dat bloedcel?

die bloedcel

Het is die bloedcel, dus niet "dat bloedcel".

Voorbeeld: Die bloedcel transporteert zuurstof.

Die bloedcel: het juiste aanwijzend voornaamwoord

Bij het woord bloedcel gebruik je die: die bloedcel. Dat komt doordat bloedcel een de-woord is. Bij zulke woorden kies je voor die; bij het-woorden gebruik je dat. Zeg dus nooit "dat bloedcel".

Voorbeelden

  • Kijk eens onder de microscoop: die bloedcel is veel groter dan de andere.
  • De arts wees naar het scherm en zei: "Let op die bloedcel helemaal rechts."

Het verschil met deze en dit

Die en dat verwijzen naar iets wat verder weg is, in ruimte of in je gedachten. Deze en dit wijzen naar iets wat dichtbij is. Houd je het preparaat vlak voor je neus, dan zeg je: deze bloedcel. Wijs je naar een cel aan de andere kant van het beeld, dan zeg je: die bloedcel.