Is het die of dat bed?
dat
bed
Het is dat bed, dus niet "die bed".
Voorbeeld: Dat bed is comfortabel.
Het aanwijzend voornaamwoord bij "bed"
Bij het woord bed gebruik je het aanwijzend voornaamwoord dat, dus dat bed. Dit komt omdat "bed" een het-woord is (onzijdig), en bij onzijdige woorden gebruik je "dat" in het enkelvoud. "Die" gebruik je alleen bij de-woorden (mannelijk of vrouwelijk) in het enkelvoud.
Voorbeeldzinnen met "dat bed"
- Ik wil graag dat bed kopen.
- Dat bed staat erg mooi in de kamer.
Verschil tussen die/dat en deze/dit
De woorden die en dat wijzen naar iets dat verder weg is, terwijl deze en dit naar iets dichtbij verwijzen. Bijvoorbeeld:
- Die stoel staat bij de deur (verder weg).
- Deze stoel staat hiernaast (dichtbij).
- Dat bed staat in de andere kamer (verder weg).
- Dit bed is heel comfortabel (dichtbij).